GDPR 2.0: regelgeving voor een concurrerend Europa?
Zeggen dat de Omnibus IV-wijzigingen aan de GDPR teleurstellend waren, zou een understatement zijn.
Na het Draghi-rapport hoopten velen dat de EU concrete stappen zou zetten om de regeldruk voor kmo’s als gevolg van de GDPR te verlichten. In plaats daarvan voelt de voorgestelde wijziging aan als een symbolische toegeving die in de praktijk weinig verandert.
Uiteraard lopen er nog steeds debatten over de vraag of en hoe het “one-size-fits-all”-model van de GDPR moet worden herzien, maar de overheersende teneur lijkt #NoReopening te zijn.
Bovendien dreigt de geplande procedureverordening voor grensoverschrijdende GDPR-handhaving de zaken nog te verergeren. Max Schrems stelde al dat “deze verordening tal van extra stappen en extra papierwerk toevoegt aan de bestaande procedures. Autoriteiten en ondernemingen zullen meer werk hebben met GDPR-procedures – niet minder.”
Ook de Tsjechische gegevensbeschermingsautoriteit waarschuwde in haar jaarverslag 2024 dat nieuwe procedurele eisen de rechten van betrokkenen paradoxaal genoeg zouden verzwakken, gelet op de beperkte personele, technische en administratieve middelen.
En om de zaak nog erger te maken, stapelen steeds meer overlappende EU-regelgevingen zich op — denk maar aan de meldingsplichten voor cyberincidenten.